Behoefte aan benzine bijna op tachtig procent van pre-coronaniveau

Ondanks de voortdurende lockdown en de derde coronagolf waar we in zitten, rijden – en tanken – we weer meer. Weliswaar nog niet zoveel als pre-corona: het aantal tankbeurten ligt nu op bijna tachtig procent van het niveau van vóór de pandemie. Een tegenvaller voor automobilisten is de duurdere brandstof, veroorzaakt door hogere olieprijzen. Desondanks proberen pomphouders te concurreren met lage prijzen. In het noorden van het land lijkt zelfs een prijzenoorlog aan de gang.

In december 2020 begonnen de brandstofprijzen omhoog te kruipen. Eind maart ligt de gemiddelde pompprijs van E10/Euro95-benzine (de meest gangbare brandstof) al ruim elf procent hoger dan in december. De verwachting is dat deze stijging nog even aanhoudt. Oorzaak is de verhoging van de olieprijs. Oliemaatschappijen hebben gezamenlijk afgesproken minder olie uit de grond te pompen – dat maakt het aanbod lager. We hebben nog geluk dat de olieprijs in dollars wordt uitgedrukt. Doordat de dollar goedkoop is ten opzichte van de euro, valt de prijsstijging voor ons relatief nog mee. 

De situatie aan de pomp is dus anders dan een jaar geleden, ziet Patrick Roozeman, directeur van mobiliteitspasaanbieder MultiTankcard. “Toen woedde er een handelsoorlog, die de benzineprijs op een historisch laag niveau bracht. Tegelijkertijd, toen de lockdown inging, halveerde de behoefte aan brandstof in Nederland. Vanaf mei 2020 nam het aantal tankbeurten weer geleidelijk toe tot een relatieve piek in de zomer, om vanaf september weer te dalen. In januari zaten we op ongeveer zeventig procent van het aantal tankbeurten van vóór COVID-19, en we zien nu in maart een stijging richting tachtig procent van het reguliere niveau. Het lijkt er dus op dat men weer wat vaker de auto pakt. Bij de volumes voor elektrisch laden zien we dezelfde cijfers. Hierbij speelt ook de stijging, eind Q4, van het aantal nieuwe elektrische voertuigen een rol.”

Noord-Nederland is goedkoopst
Dan de prijzen, die MultiTankcard heeft bijgehouden tot en met eind maart. De gemiddelde pompprijs van Euro95/E10-benzine ging omhoog van €1,55 in december naar €1,72 in maart (een stijging van 11%). De gemiddelde pompprijs van E5-benzine steeg van €1,67 in december tot €1,85 in maart. Diesel steeg van €1,23 in december naar €1,40 in maart. Er zijn flinke verschillen per provincie. In Groningen en Friesland ligt in het eerste kwartaal de gemiddelde prijs van Euro95/E10-brandstof het laagst, op respectievelijk €1,63 en €1,64 per liter. In Limburg, Utrecht en Noord-Holland is deze brandstof het duurst met €1,68 per liter.

Flink wat tankstations liggen met hun prijzen nog onder deze gemiddelden. Het goedkoopste tankstation over het eerste kwartaal 2021 voor Euro95/E10-benzine is Tango Oude Pekela (Groningen) met een gemiddelde literprijs van €1,51. Voor E5-benzine is Total Hoofddorp Graan voor Visch (Noord-Holland) nu de goedkoopste met €1,68 per liter. Voor Diesel is tankstation Sietsema-Sakko in Uithuizen (Groningen) de voordeligste met een prijs van €1,18 per liter.

Lagere bevolkingsdichtheid
Opmerkelijk is dat de noordelijke provincies de lijst met goedkope E10- en Dieselpompen aanvoeren. Patrick Roozeman: “Mogelijke oorzaken van de lagere prijzen zijn de lagere bevolkingsdichtheid en het ruime aanbod aan tankstations. En ook de lagere vastgoedprijzen in Friesland en Groningen resulteren in lagere kosten voor de pomphouders, waardoor ze een scherpere literprijs kunnen aanbieden. Daarbovenop lijkt er een prijzenoorlog aan de gang tussen verschillende budgetmerken die relatief groot zijn in het noorden. De consumenten in het noorden lijken ook prijsbewuster, aangezien de scherpere prijzen helpen om het aantal tankbeurten te laten stijgen.”