Elektrische Vivaro-e van Opel

De Opel Vivaro viert dit jaar zijn 20ste verjaardag. De eerste generatie van Opels meest succesvolle lichte bedrijfswagen beleefde zijn wereldpremière in 2001, op de autoshow in Brussel.

Inmiddels zijn er meer dan een miljoen geproduceerd, waarvan er sindsdien in Nederland 76.000 stuks een eigenaar hebben gevonden. De huidige en derde generatie nam in 2019 met succes de scepter over. Inmiddels is daaruit ook de allereerste elektrische variant geboren: de Vivaro-e. Deze is in 2020 uitgeroepen tot International Van of The Year 2021. Die titel kreeg de jubilerende bedrijfswagen ook al in 2002.

De eerste Vivaro is het resultaat van een joint venture tussen Opel en Renault. In december 1996 sloten beide autoproducenten een overeenkomst om samen een nieuwe lichte bedrijfswagen te ontwikkelen. Dankzij de samenwerking lukte het Opel om binnen twaalf maanden al in het 3,5 ton GVW-segment te stappen met de Opel Arena, de voorganger van de Vivaro. De grotere Opel Movano volgde in 1999.

Opel en Renault investeerden elk 700 miljoen euro in de ontwikkeling en de productie van de Vivaro. In slechts 35 maanden tijd werd een compleet nieuw model productierijp gemaakt. Renault concentreerde zich op uiterlijk, uitrusting en aandrijflijnen, terwijl Opel verantwoordelijk was voor het opzetten van de productielijn. De productie van de Vivaro en het zustermodel Renault Traffic werd vervolgens ondergebracht bij de IBC Vehicles fabriek in Luton, Engeland.

Innovatief: Vivaro-design aantrekkelijk en tegelijk zeer efficiënt

Het uiterlijk van de Vivaro is altijd gezien als een visitekaartje. Het aantrekkelijke design ging gepaard met op de gebruiker gerichte functionaliteit en een hoge mate van efficiency. “Bij de Vivaro gaven we styling evenveel aandacht als bij onze personenauto’s”, zegt Hans Seer, destijds hoofd design bij Opel. Een opmerkelijk detail in het design van de eerste generatie was het zogenaamde ‘Jumbo’ dak. In Nederland werd ook vaak de vergelijking gemaakt met de ‘Koploper’ intercitytrein van de NS. De hogere dome boven de cabine zorgde voor extra hoofdruimte en maakte het in- en uitstappen gemakkelijker. Dat is een belangrijk aankoopcriterium voor kopers van lichte bestelwagens.