Helft EV-rijders bang voor tekort aan laadpalen

Bijna de helft (45 procent) van de bestuurders van elektrische voertuigen (EV) maakt zich zorgen over een toekomstig gebrek aan beschikbare laadpunten. Dit blijkt uit de NewMotion EV Drivers Survey 2020, het grootste jaarlijkse onderzoek onder EV-bestuurders in Europa, dat gisteren tijdens het 10-jarige jubileumevenement werd gepresenteerd. Bovendien noemt de helft (46 procent) van de ondervraagde bestuurders een toename van beschikbare laadpunten als een van de belangrijkste verbeterpunten in hun laadervaring.

Het gebruik van een enkele laadpas (41 procent) wordt ook gezien als een belangrijke verbetering van de EV-laadervaring, omdat dit helpt om onderweg gemakkelijker toegang te krijgen tot beschikbare laadpunten. Opvallend is dat 77 procent van de respondenten thuis een laadpunt heeft, terwijl meer dan de helft (55 procent) een laadpunt op het werk ter beschikking heeft. Van de respondenten die thuis geen laadpunt hebben, zegt 53 procent ook op het werk niet terecht te kunnen. Uit het onderzoek blijkt dat 61 procent van de mensen zonder laadpunt thuis een standaard stopcontact gebruikt om hun EV op te laden, wat kan leiden tot veiligheidsproblemen zoals overbelasting van stopcontacten en kabels.

Een volgende stap in EV-rijden
“Elektrisch rijden is de toekomst van mobiliteit. De industrie bevindt zich momenteel op het kruispunt van een mobiliteits- en energietransitie. Dit komt mede dankzij de populariteit van elektrisch rijden. De volgende fase gaat vooral over opschaling. Wij zijn klaar om EV-laden met slimme oplossingen naar een volgend niveau te tillen en zo een groter publiek te bedienen”, zegt Sytse Zuidema, CEO bij NewMotion tijdens het jubileumevenement van het bedrijf. “Bij NewMotion willen we de drempels voor elektrisch rijden verlagen. Om e-mobiliteit toegankelijker te maken moet de gehele industrie zich ontwikkelen naar een hoger niveau. Samenwerkingen tussen alle partijen in de energietransitie moeten verbeteren, specifiek die tussen autofabrikant en bedrijven die laadoplossingen voor EV’s maken. Dit is de enige manier waarop de veelbelovende toekomst van elektrisch rijden kan worden waargemaakt.”

Een portemonnee vol laadpassen
Het aantal laadpassen dat een EV-bestuurder nodig heeft, is ook van groot belang voor de rijders. Gemiddeld gebruikt een EV-bestuurder 2,5 laadpassen en 15 procent heeft zelfs 5 of meer passen. EV-gebruikers in Frankrijk bezitten de meeste laadpassen (gemiddeld 3,48 stuks), gevolgd door Duitsland (3,37) en het Verenigd Koninkrijk (3,19). In Nederland ligt dit aantal lager (1,82), waarschijnlijk komt dit doordat het mogelijk is om met verschillende laadpassen op één laadpunt te laden en de hoge netwerkdichtheid van laadpunten in Nederland - de hoogste in Europa.

EV-rijders willen prijstransparantie
Duidelijkheid over de prijzen voor het laden is een belangrijk onderwerp onder EV-bestuurders. 43 procent zegt te weten wat ze moeten betalen voor een laadsessie voordat ze aan de sessie beginnen. 37 procent geeft specifiek aan dat zij de prijs van een sessie opzoeken voordat ze beginnen met laden. Twee op de vijf respondenten zeggen tenminste één situatie te hebben meegemaakt waarbij de uiteindelijke prijs van een laadsessie anders bleek te zijn dan de prijs die vooraf werd aangegeven door het laadpunt.

"Dit onderzoek toont aan dat een enkele laadpas, evenals prijstransparantie, belangrijke onderwerpen zijn voor bestuurders. Verbeteringen op deze vlakken helpen om elektrisch rijden aantrekkelijker te maken voor een breder publiek", zegt Sytse Zuidema. “Wij geloven in het creëren van een open en toegankelijk publiekelijk laadnetwerk om EV-bestuurders het gemak te bieden om hun voertuig overal op te laden. Eén roamingnetwerk, slim laden en full-serviceoplossingen verbeteren het gebruiksgemak voor EV-bestuurders."

Laadgemak heeft de hoogste prioriteit voor EV-bestuurders
Voor EV-rijders die een laadpunt bezitten, is gebruiksgemak de meest belangrijke factor bij het kiezen van hun laadoplossing, meer dan de helft (52 procent) noemt dit zelfs dé belangrijkste aankoopfactor. Een derde (33 procent) vindt de prijs van het laadpunt belangrijk, terwijl een kwart (26 procent) zegt dat een aanbeveling van een derde partij, zoals een leasemaatschappij, een autodealer of werkgever, de meeste invloed heeft op hun beslissing.

Europese verschillen voor laden op het werk
In Nederland is het vrij gebruikelijk dat er een laadpunt beschikbaar is op het werk: 72 procent van de respondenten zegt op het werk hiertoe toegang te hebben. De kans om in het Verenigd Koninkrijk of Duitsland een laadpunt op kantoor te vinden is daarentegen een stuk lager: slechts 29 procent van de Britse respondenten en 41 procent van de Duitse respondenten kunnen hiervan gebruikmaken.

Kostenbesparingen als belangrijkste drijfveer
Geld besparen is de meest genoemde reden om over te stappen op een elektrisch voertuig. 61 procent van de EV-bestuurders zegt dat ze in een EV rijden om geld te besparen, op de voet gevolgd door de rijervaring (58 procent). Een kwart van de EV-bestuurders noemt secundaire voordelen als een belangrijke reden om over te stappen op een elektrisch voertuig. Eén op de tien gebruikers ziet een bijdrage leveren aan een beter milieu (10 procent) als een belangrijke reden om over te stappen op een EV. De EV-bestuurders bestempelen zichzelf over het algemeen als ‘milieubewust’ (81 procent).

Huidige EV-rijders zijn erg enthousiast over de overstap naar elektrisch rijden. De meeste bestuurders (86 procent) denken dat hun volgende auto weer een elektrisch voertuig wordt, terwijl slechts 2 procent terug zou gaan naar een conventionele auto (op fossiele brandstoffen). Bovendien zou 9 van de 10 mensen een elektrisch voertuig aanbevelen aan anderen, slechts 3 procent geeft aan dat zij een elektrische auto niet aan anderen zouden aanbevelen.

‘Volledig elektrisch rijden is de norm in 2030’
EV-bestuurders geloven dat elektrisch rijden snel de norm wordt. 60 procent van de ondervraagden verwacht dat ‘volledig elektrisch’ in 2030 het meest dominante brandstoftype voor auto’s is. 14 procent verwacht dat ‘waterstof’ in de toekomst het meest dominante brandstoftype wordt, terwijl 13 procent hoge verwachtingen heeft van hybride oplossingen. Slechts 12 procent verwacht dat fossiele brandstof het meest dominante brandstoftype blijft.